Tijdens de week van 18 tot 22 februari 2008 wilden we met het project Tri-O zo’n 300 mini-brainstorms organiseren in bedrijven waarin leerlingen en bedrijfsmensen samen brainstormen over een centrale vraag die het bedrijf zelf aanhaalt. Het project biedt zo de mogelijkheid aan bedrijven om te brainstormen met een groep leerlingen, waarbij zeer originele en praktische ideeën naar boven komen omdat zij heel gemakkelijk en onbevangen ‘out of the box’ kunnen denken. Hiervoor wordt de GPS-methodiek ingezet en zal zowel een medewerker van het bedrijf als een leerkracht opgeleid worden om de brainstorm te begeleiden. De groep zal bijvoorbeeld ideeën genereren omtrent een centrale vraagstelling, ‘Hoe kunnen we …’ • …nieuwe producten of diensten op de markt brengen?
• …onze marketing-aanpak origineler maken? De centrale vraagstelling zal bekeken worden vanuit een aantal trends en ontwikkelingen die het bedrijf vooraf kiest en op het GPS-bord legt. Voor een GPS-sessie heeft men vijf trends. Een GPS sessie bestaat uit 3 ronden: Ronde 1: genereren van ideeën rond het GPS-bord. In duo verzint men ideeën rond de trends en ontwikkelingen die op het bord liggen. Ronde 2: selecteren van ideeën. Met de groep worden de beste ideeën gekozen. Ronde 3: uitwerken van ideeën. In kleine groepjes werkt men de 3 top-ideeën uit tot een projectfiche. Een typische GPS-sessie duurt tussen de 2,5 à 3 uur. Op het einde van die 3 uren heb je een lijst van ideeën met reeds een eerste selectie en uitwerking van enkele top-ideeën. Na de GPS-oefening kan eventueel ook nog een bedrijfsbezoek plaats vinden. Waar en wanneer In de week van 18 februari verspreid over de regio’s Oost- en West-Vlaanderen, Halle-Vilvoorde en Limburg. Pedagogische vertaling Het project kadert binnen de invullen van de Vakoverschrijdende Eindtermen voor de tweede en derde graad van het voltijds secundair onderwijs. De meeste invulling wordt gegeven binnen de gebieden van - het ‘Opvoeden tot burgerzin’ • de leerlingen kunnen hun eigen wensen of behoeften omzetten in hulp – of informatievragen
• de leerlingen kunnen met enkele voorbeelden aantonen dat de mondiale dimensie in onze samenleving steeds explicieter wordt op o.m. politiek, economisch en cultureel vlak en dat deze evolutie voordelen biedt maar ook problemen en conflicten oplevert. • de leerlingen zijn gevoelig voor het belang van persoonlijke inzet voor de verbetering van het welzijn en de welvaart in de wereld. - de ‘Sociale Vaardigheden’
• de leerlingen benoemen en duiden hun emoties, uiten deze gepast en herkennen en duiden andermans emoties.
• de leerlingen communiceren doelgericht
• de leerlingen streven naar een evenwicht tussen eigen wensen, verlangens en belevingen, en het groepsbelang.
• de leerlingen kunnen omgaan met hiërarchie, macht en regelgevingen. • de leerlingen zien het belang in van gevoelens en lichaamstaal bij het benaderen van conflicten. • hanteren conflicten door de eigen belangen te behartigen zonder hierbij de belangen, motivaties en emoties van anderen uit het oog te verliezen.
• zijn bij conflicten bereid naar anderen te luisteren, hen de kans te geven zich uit te drukken, hen te respecteren, hun emotionele grenzen te respecteren, te overleggen. In het Hoger Onderwijs geeft het project een invulling aan de Eindcompetenties : - Algemene competenties : creativiteit, denk en redeneervaardigheid, verwerven en verwerken van informatie, vermogen tot kritische reflectie en projectmatig werken, het vermogen te communiceren over informatie, ideeën, problemen en oplossingen. - Algemeen beroepsgerichte competenties : teamgericht kunnen werken, oplossingsgericht kunnen werken, analyseren van complexe probleemsituaties in de beroepspraktijk, besef van maatschappelijke verantwoordelijkheden samenhangend met de beroepspraktijk. Ondersteuning mogelijk De leraar die de groep begeleidt wordt vooraf opgeleid (maand januari) in het gebruik van de GPS-methodiek.